| Startpagina | Nieuws | Vergunning | Fotogalerij | Cycloinfo | FAQ | Adresboek | Kalenders | Resultaten | Kids | Contact |
| Permanenten | Laureaatschappen | Formulieren | Linken | Reglementen | Gewestindeling |
 
 
PROVINCIAAL REGLEMENT
PROVINCIALE COMMISSIE VOOR WIELERTOERISME
OOST-VLAANDEREN

TOELICHTING
 

Alle verenigingen, individuelen of clubleden die zijn aangesloten bij de Wielerbond Vlaanderen (WBV) en die zich inlaten met wielertoerisme en/of veldtoertochten (VTT), in de ruimste betekenis van het woord, zijn onderworpen aan de reglementen van de Vlaamse Commissie voor Recreatieve Sportbeoefening (VCRS). De Provinciale Commissie voor Recreatieve Sportbeoefening (PCRS) heeft de opdracht alle reglementen van de VCRS te doen naleven.
Teneinde de bevoegdheden haar gegeven door de artikels van de reglementen van de VCRS beter te kunnen uitoefenen, heeft de PCRS volgend Provinciaal Reglement uitgevaardigd.
Alle gevallen welke niet in het navolgende reglement voorzien zijn vallen onder de bevoegdheid van de PCRS, die zich het recht voorbehoudt te allen tijde de reglementen aan te vullen of te wijzigen.

KALENDER
 

Art. 1: Om veldtoer- en andere fietstochten te mogen organiseren moet een club bij de WBV aangesloten zijn en in het verlopen jaar wielertoeristische activiteiten ontwikkeld hebben.

Art. 2: Om als officiële organisatie op de zomerkalender aangenomen te worden dient de aanvraag op het daartoe voorziene formulier aan de gewestafgevaardigde te zijn overgemaakt vóór 1 augustus van het voorgaande jaar.

Art. 3: Een Oost-Vlaamse club mag tijdens het zomerseizoen maximum twee organisaties op de kalender plaatsen.
Daarnaast mag er ook één nationaal brevet en/of één weekdagfietstocht worden georganiseerd.
Weekdagfietstochten kunnen worden georganiseerd gedurende het gehele seizoen. Hun afstand mag maximum 60 km bedragen. Een bijkomende kleinere afstand wordt aanbevolen.
Organisaties, met meerdere afstanden en formules of vanuit verschillende startplaatsen - al of niet geleid - op dezelfde dag, worden beschouwd als één organisatie, waarbij voor de deelnemer slechts één afstand en/of formule in aanmerking komt voor de laureaatschappen.
Alle organisaties moeten hun verloop kennen tussen zonsopgang en zonsondergang, uitgezonderd de fietstochten en brevetten vanaf 300 km waar een fietsverlichting welke beantwoordend aan de verkeersreglementen verplicht is.

Art. 4: Naast bovenvermelde organisaties mag een club ook maximum drie permanente routes organiseren. Een permanente route met drie verschillende afstanden wordt als drie permanente routes beschouwd.
Elke aanvraag voor een permanente route dient jaarlijks vóór 1 augustus ter goedkeuring voorgelegd te worden aan de afgevaardigde permanenten ( Johan Lanckriet ) met opgave van alle inlichtingen en wegwijzer(s).

Art. 5: Binnen hetzelfde gewest mogen er per dag maximum twee organisaties plaats hebben: een fietstocht en een veldtoertocht. In de provincie mag per dag slechts één fietstocht worden georganiseerd van 150 km of meer. Ook het aantal veldtoertochten, al dan niet in het kader van een totaalorganisatie, is beperkt tot één organisatie per dag in de provincie. Bij betwisting van een datum tussen meerdere organisatoren zal voorrang worden gegeven aan de organisatie met de grootste anciënniteit, voor zover de organisator zijn gewoon weekend heeft behouden. Bij de toewijzing van een organisatie heeft een feestdag voorrang op het weekend. De zondag bepaalt de volgorde van het weekend.

Art. 6: Veldtoer- of andere fietstochten welke niet in de lokaliteit van de organiserende club starten of aankomen, worden toegelaten in zoverre in het gewest waartoe de andere lokaliteit behoort geen organisatie op de kalender staat. Wanneer voor een tocht een bijkomende startplaats wordt ingelegd, zijn dezelfde reglementen van toepassing. De tweede startplaats hoeft niet noodzakelijk de lokaliteit te zijn van een aangesloten club.

Art. 7: De inschrijvings- en starttijden tijdens het zomerseizoen mogen voor alle cluborganisaties beperkt worden tot een onafgebroken periode van maximum 3 (drie) uren in de voormiddag en/of een onafgebroken periode van maximum 3 (drie) uren in de namiddag, of een onafgebroken periode welke doorloopt over voor- en namiddag. Voor weekdag-fietstochten dient de inschrijvings- en starttijd voorzien worden tijdens een onafgebroken periode van minimaal 3 uren tussen 13u en 18u. Voor uitzonderlijke organisaties kan een afwijking worden toegestaan door de PCRS.

Art. 8: Voor de praktische regeling krijgen alle organisaties een code.

Art. 9: De provinciale bijeenkomst gaat elk jaar door, in principe tijdens het 39e weekend. Kandidaturen voor het organiseren van deze bijeenkomst moeten worden gestuurd aan de voorzitter van de PCRS vóór 1 september van het vorige kalenderjaar. Op dit weekend zijn geen andere organisaties toegelaten in de provincie, uitgezonderd de permanente routes.

Art. 10: Per provincie kunnen er tijdens het zomerseizoen meerdere nationale promotie-tochten, classics cyclo en classics VTT worden georganiseerd. Op de dagen dat deze uitzonderlijke organisaties op de kalender staan worden geen andere organisaties van hetzelfde type of niveau toegelaten in de provincie.

Art. 11: Winterveldtoertochten (VTT) kunnen worden georganiseerd vanaf het weekend van de provinciale bijeenkomst tot het laatste weekend van februari, à rato van maximum één organisatie per dag. Voor de verdere richtlijnen VTT wordt verwezen naar het lastenboek en de voorschriften VTT. Het aantal winterveldtoertochten is beperkt tot één organisatie per club.
Om als officiële VTT-organisatie op de kalender opgenomen te worden, dient de aanvraag op het daartoe voorziene formulier aan de secretaris PCRS gericht voor 1 december van het vorige kalenderjaar.

Art. 12: Winter cyclotochten kunnen georganiseerd worden vanaf het weekend volgend op de provinciale bijeenkomst tot het weekend van de slothappening. De richtafstanden bedragen 50 en 25 km. Deze cyclotochten kunnen ingericht worden samen met een winter vtt. Er wordt slechts één cyclo organisatie per dag toegelaten.
Elke club kan maximaal één cyclotocht inrichten tijdens het winterseizoen.
Deelnames aan een winter cyclotocht komen in aanmerking voor een apart winterlaureaatschap cyclo.

Art. 13: Op de provinciale kalendervergaderingen worden geen proeven meer aanvaard.

Art. 14: Voor alle cluborganisaties opgenomen op de provinciale kalenders dient er een bondsbijdrage van € 20,00 te worden betaald na ontvangst van de rekening. Per bijkomende startplaats dient een provinciale bijdrage van € 10,00 te worden betaald na ontvangst van de rekening.

NATIONALE BREVETTEN
 

Art. 15: Door de PCRS dienen de data van de nationale brevetten voor 15 juni van het voorgaande jaar te worden vastgelegd. Deze nationale brevetten zijn: de brevetten 25-, 35-, 50-, 75-, 100-, 150- en 200 km, en de brevetten VTT 15 en 30 km. De brevetten 25-, 35- en 50 km kunnen zowel op de weg als op vtt-parcours worden georganiseerd.

Art. 16: De brevetten, de VTT-brevetten uitgezonderd, kunnen worden georganiseerd per gewest, waarbij slechts één organisatie per gewest is toegelaten. Indien meerdere kandidaten voor hetzelfde brevet in aanmerking komen zal tot lottrekking overgegaan worden. Samenwerking tussen clubs van verschillende gewesten wordt voor de grotere nationale brevetten aanbevolen. Najaarsbrevetten kunnen vanaf begin augustus worden georganiseerd in het kader van bestaande organisaties.

GEWESTEN
 

Art. 17: Teneinde de geografische spreiding der nationale brevetten te bevorderen wordt de provincie ingedeeld in gewesten (zie bijlage), waarbij de verplichting om in eigen gewest, of het verbod om in een ander gewest te rijden, niet bestaat.

Art. 18: De gewestafgevaardigden kunnen desgewenst jaarlijks een gewestelijke kalendervergadering organiseren waarop een afvaardiging van elke club wordt uitgenodigd en hun aanwezigheid gewenst is. Deze zullen doorgaan in de eerste helft van augustus en hebben tot doel:
Het toekennen van de brevetten in het gewest, waarbij geen verplichting aan het gewest wordt opgelegd om die nationale brevetten te organiseren.
Het informatief vastleggen van de cluborganisaties in hetzelfde gewest, waarbij de aanwezigheid van een clubvertegenwoordiging op de gewestvergadering de club niet ontslaat van het aanvragen van de organisatie aan de gewestafgevaardigde (zie Art.2). Clubs die niet vertegenwoordigd zijn op de kalendervergadering van hun gewest kunnen de aanspraak op een verworven datum verliezen.
Het geven van inlichtingen door de provinciale afgevaardigde aan de clubs.

Art. 19: De gewestafgevaardigden zijn:
Meetjesland : LANCKRIET Johan
Waasland : DE BOCK Etienne
Centrum : DE POORTERE Marc
Denderstreek : DE DECKER Marcel
Schelde & Leie : VANDAELE Eric

Art. 20: De data van de gewestelijke kalendervergaderingen worden vastgelegd en bekend gemaakt aan de betrokken clubs door het secretariaat PCRS.

INSCHRIJVINGEN EN
TAAK ORGANISATOREN

 

Art. 21: De organisator is verantwoordelijk voor de volledige organisatie en zorgt voor voldoende medewerkers. Hij staat onder meer in voor:

  • helpen van de WBV afgevaardigde bij de inschrijving van de deelnemers met een dagvergunning;
  • de controlekaarten voor de deelnemers, van verschillende kleur per afstand en formule;
  • de inschrijvingsstrookjes voor de dagvergunningen;
  • het tijdig inschrijven van de wielertoeristen;
  • het innen van de inschrijvingsgelden;
  • het scannen van de vergunningen van de deelnemers met een geldige vergunning;
  • het tijdig storten van de verschuldigde sommen aan de PCRS Oost-Vlaanderen na ontvangst van de afrekening;
  • bij start in groep het opmaken van de deelnemerslijst voor de verantwoordelijke wegkapitein, dit in overeenstemming met het verkeersreglement;
  • het individueel afstempelen van de controlekaarten, voor alle afstanden en formules, door een medewerker van de organiserende club. De controleposten worden zo gekozen dat de deelnemer kan worden gecontroleerd op het volledig en gereglementeerd afleggen van het parcours. Het is de organisator toegelaten om zowel bij geleide- als vrije startproeven geheime controles te houden;
  • het opmaken van de clubuitslag, met de vermelding per afstand en formule van de namen en vergunningsnummers van de deelnemers WBV, FCWB, KBWB;
  • het opnemen in de clubuitslag van het aantal dagvergunningen en het aantal deelnemers van andere federaties of bonden met een geldige vergunning;
  • het vermelden van de eventueel aangeduide en aanwezige wegkapiteins, met aanmerking der eventuele afwezigen of vervangers;
  • via de door WBV ter beschikking gestelde software de resultaten van de organisatie nog dezelfde dag van de organisatie doorsturen naar de centrale WBV computer;

Alle officiële documenten dienen in het inschrijvingslokaal van de organiserende club ter beschikking te blijven tot na het einde van de proef.

TAAK AFGEVAARDIGDEN
 

Art. 22: De PCRS duidt per organisatie afgevaardigden aan welke de opdracht hebben de reglementen te doen naleven en toepassen, bevoegdheden vastgelegd in de artikels van het Vlaams en provinciaal reglement wielertoerisme.
Hun aanwezigheid aan de startplaats is vereist gedurende de volledige inschrijvingsperiode.
De afgevaardigden zijn niet aangeduid om het werk van de organisator over te nemen mocht deze in gebreke blijven. Zij dienen tekortkomingen en onvoorziene problemen te helpen oplossen.

Art. 23: Het door de PCRS aan de afgevaardigde overgemaakte officieel organisatieblad moet door de organisator ondertekend worden en bij start in groep ook door de wegkapitein(s). De afgevaardigden brengen naderhand een verslag uit van de organisatie bij de PCRS, uiterlijk op de eerstvolgende vergadering. Voor de labelorganisaties dienen ze een evaluatieverslag op te maken.
Ongevallen van deelnemers welke aan de afgevaardigde gemeld worden tijdens zijn aanwezigheid, zal deze op het officieel organisatieblad noteren.

Art. 24: De afgevaardigden hebben de taak de dagvergunningen af te leveren en de verschuldigde bedragen over te maken aan de provinciale verantwoordelijke der dagvergunningen. Zij verzorgen ook de inschrijving van de niet-vergunninghouders.De afgevaardigde vult het officieel blad in ( aantal deelnemers met WBV vergunning / aantal deelnemers met vergunning van andere federatie / aantal dagvergunningen / aantal dagvergunningen kids ) en bezorgt een kopie aan de organisator en aan de provinciale voorzitter.

INSCHRIJVINGSGELDEN
 

Art. 25: Voor ALLE cyclo organisaties ( Classics uitgezonderd ) tot 100 km bedraagt het vaste inschrijvingsrecht per deelnemer maximum € 1,50. Vanaf 101 km tot 200 km bedraagt het inschrijvingsrecht maximum € 2,00 en vanaf 201 tot 300 km is dit maximum € 3,00. Voor tochten van méér dan 300 km mag het inschrijvingsrecht worden verhoogd tot € 5,00. Voor de veldtoertochten is het inschrijvingsrecht bepaald op maximum € 2,50 tot 60 km en vanaf 61 km op € 3,00. Het inschrijvingsrecht voor de provinciale bijeenkomst is bepaald op € 1,50 voor de fietstocht op de weg en € 2,50 voor de veldtoertocht. Jongeren –15 jaar betalen slechts 50% van het inschrijvingsrecht. De deelnemers aan de begeleide kidstochten -15 jaar betalen geen inschrijvingsrecht.

Art. 26: Organisatoren die, na ontvangst van de afrekening, nalaten tijdig de verschuldigde bedragen over te maken op de betreffende rekening, zullen geschrapt worden op de kalenders.

PROVINCIALE LAUREAATSCHAPPEN
 
Art. 30: Alleen de organisaties voorkomend op de officiële Oost-Vlaamse wielertoeristenkalender WBV komen in aanmerking voor het behalen van de titel van "Provinciaal Laureaat", "Laureaat 100+", "Zomerlaureaat VTT", “Winterlaureaat VTT” , "Laureaat Permanenten", "Labellaureaat" en "Kidslaureaat".
Deelname aan de Belgian Cycling Happening (BCH) komt eveneens in aanmerking voor diverse provinciale laureaatschappen.

Art. 31: Is Provinciaal Laureaat, de wielertoerist(e) die slaagt in minimum dertig (30) organisaties, waaronder verplichtend de Provinciale Bijeenkomst en drie (3) Oost-Vlaamse brevetten. Of m.a.w. zesentwintig (26) gelukte organisaties van de Oost-Vlaamse kalender, drie (3) brevetten en de Provinciale Bijeenkomst.
Maximum vijf (5) permanente routes, van vijf verschillende organisatoren, mogen in aanmerking genomen worden voor het Provinciaal Laureaatschap. Deze permanente routes mogen ook op weekdagen worden gereden. Per dag komt slechts één permanente route in aanmerking voor het Provinciaal Laureaatschap.

Art. 32: Is Laureaat 100+, de wielertoerist(e) die slaagt in minimum twintig (20) organisaties van minstens 100 km voorkomend op de Oost-Vlaamse kalender.
Vier organisaties mogen vervangen worden door deelname aan vier verschillende Vlaamse permanente driehoeken en/of gelijkgestelde proeven van minimum 100 km.
Daarbij dient men ook te slagen in de Provinciale Bijeenkomst. In totaal betekent dit dus 21 proeven.
Deelname aan een rit van meer dan 100 km tijdens de BCH komt eveneens in aanmerking voor het laureaatschap.
Maximaal vier Oost-Vlaamse permanente routes van minstens 100 km, van vier verschillende organisatoren, komen in aanmerking voor het Laureaatschap 100+. Deze permanente routes mogen ook op weekdagen worden gereden. Per dag komt er slechts één permanente route in aanmerking voor het Laureaatschap 100+.

Art. 33: Is Laureaat Permanenten, de wielertoerist(e) die tijdens hetzelfde seizoen minimum 1.500 km Oost-Vlaamse permanente routes totaliseert, waarbij elke permanente route slechts éénmaal in aanmerking komt. Voor het laureaatschap permanenten begint het seizoen op 1 oktober en eindigt op 30 september van het volgende seizoen. Voor verdere informatie wordt verwezen naar de afzonderlijke infomap Permanenten.

Art. 34: Is Zomerlaureaat VTT, de wielertoerist(e) die voldoet aan de voorwaarden jaarlijks bepaald door de PCRS en afgedrukt op de Oost-Vlaamse zomerkalender WBV, de VTT van de Provinciale Bijeenkomst verplicht inbegrepen.
Er komt slechts één proef per dag in aanmerking voor het laureaatschap.
De vtt tochten in het kader van BCH komen eveneens in aanmerking voor het zomerlaureaatschap VTT.
Om in aanmerking te komen voor het winnen van de hoofdprijzen moet de laureaat aanwezig zijn op de prijsuitreiking aan het slot van het zomerseizoen.

Art. 35: Het is de wielertoerist(e) toegelaten aan twee verschillende organisaties per dag deel te nemen.
Het is de wielertoerist(e) eveneens toegelaten meerdere malen deel te nemen aan hetzelfde nationale brevet. Dit geldt ook voor de organisaties met verschillende afstanden. Voor de laureaatschappen en de Topclubklassering komt echter elk nationaal brevet, elke fietstocht, veldtoertocht of permanente route maar éénmaal in aanmerking.

Art. 36: Is Kidslaureaat, de wielertoerist(e) die aan het einde van het zomerseizoen voldoet aan de voorwaarden jaarlijks bepaald door de PCRS en welke worden gepubliceerd op de kalender van de kidschallenge.

Art. 37: Is Labellaureaat, de wielertoerist(e) die aan het einde van het zomerseizoen voldoet aan de voorwaarden jaarlijks bepaald door de PCRS en welke worden gepubliceerd op de labelkalender.

Art. 38: Is Provinciaal Winterlaureaat VTT, de wielertoerist(e) die voldoet aan de voorwaarden jaarlijks bepaald door de PCRS en welke zijn opgenomen in het reglement van het wintercircuit VTT.
Is Provinciaal Winterlaureaat Cyclo, de wielertoerist(e) die voldoet aan de voorwaarden jaarlijks bepaald door de PCRS en welke zijn opgenomen in het reglement van het wintercircuit cyclo.

Om in aanmerking te komen voor het winnen van de hoofdprijzen moet de laureaat aanwezig zijn op de prijsuitreiking van de slothappening aan het slot van het winterseizoen.

PROVINCIALE TROFEËN EN EREPRIJZEN
 

Art. 39: Provinciale trofeeën zullen worden toegekend aan de eerste Oost-Vlaamse club in de provinciale rangschikkingen:

  • Trofee Julien Sturtewagen (club met het grootste aantal Provinciale Laureaten).
  • Trofee Hilaire Van Acker (club met het grootste aantal Laureaten 100+).
  • Trofee Roger Bondue (club met het grootste aantal Laureaten Permanenten).
  • Trofee van de Voorzitter (club met het grootste aantal Provinciale Winter- en Zomerlaureaten VTT).

    Art. 40: Provinciale ereprijzen zullen worden toegekend aan de clubs met het grootste aantal:
  • Kidslaureaten
  • Labellaureaten

Voor bovenstaande provinciale clubonderscheidingen is iedere cumul uitgesloten.

Art. 41: Provinciale Topclubtrofeeën zullen worden toegekend aan de Oost-Vlaamse clubs met de grootste puntentotalen in de verschillende provinciale reeksen van de Topclubklassering.
Voor de Oost-Vlaamse Topclubklassering worden volgende selectieproeven weerhouden:

  • de Oost-Vlaamse nationale brevetten: 25-, 35-, 50-, 75-, 100-, 150- en 200 km en de brevetten VTT 15- en 30 km.
  • de Provinciale Bijeenkomst.
  • één fietstocht van de topclubwinnaars van het jaar voordien.
  • één fietstocht van de club uit de eerste provinciale topclubrangschikking met de grootste stijging ten opzichte van het vorige jaar.
  • de Provinciale Driehoekendag.
  • de labelorganisaties.

Voor deelname aan de selectieproeven worden de punten toegekend à rato van één punt per deelnemer, vermenigvuldigd met het aantal gereden kilometers. De topclubs van het jaar voordien krijgen in hun eigen beschermde selectiefietstocht slechts een 1/2 punt per deelnemer.

  • per Provinciale Laureaat wordt aan het einde van het seizoen 300 punten toegekend.
  • per Laureaat 100+ wordt aan het einde van het seizoen 200 punten toegekend.
  • per Laureaat Permanenten wordt aan het einde van het seizoen 200 punten toegekend.
  • per Provinciaal Zomerlaureaat VTT wordt aan het einde van het seizoen 150 punten toegekend.
  • per Nationaal Zomerlaureaat VTT wordt aan het einde van het seizoen 100 punten toegekend.
  • per Kidslaureaat wordt aan het einde van het seizoen 100 punten toegekend.
  • per Labellaureaat wordt aan het einde van het seizoen 100 punten toegekend.
  • per Vlaams laureaat Wielertoerisme wordt aan het einde van het seizoen 200 punten toegekend.
  • per laureaat Classic wordt aan het einde van het seizoen 100 punten toegekend.
  • per laureaat Beker van België wordt aan het einde van het seizoen 100 punten toegekend.

De clubs met het grootste algemeen puntentotaal worden uitgeroepen tot de Topclubs van het seizoen. Aan de Topclubklassering zijn vier reeksen van drie clubbekers of trofeeën verbonden.
De clubs worden, op grond van de prestaties tijdens het voorgaande seizoen, onderverdeeld in vier provinciale reeksen. Zonder rekening te houden met het aantal aangesloten leden.
De eerste drie provinciale reeksen tellen ieder 15 clubs en al de overige clubs worden ondergebracht in de vierde provinciale reeks.
Aan het einde van het seizoen zijn er in iedere reeks twee klimmers en twee dalers.
Iedere reekswinnaar heeft het daaropvolgende seizoen een selectieproef voor de Topclubklassering, alsook de club met de grootste puntenwinst in de eerste provinciale reeks.

LABELS
 

Art. 42: De PCRS verleent jaarlijks haar “label” aan organisaties met een ruim aanbod aan fietsmogelijkheden, die uitmunten in kwaliteit en uitstraling. Naast minimum vier fietstochten op de weg, waarbij de grootste afstand minimum 130 km moet bedragen voor een organisatie op zaterdag, en minimum 100 km voor een organisatie op zondag of feestdag (min 130 km, ± 100 km, ± 60 km, ± 35 km), moeten ook minimum twee afstanden VTT worden voorzien. Voor de VTT moet de grootste afstand minstens 50 km bedragen en de kleinste afstand mag de 25 km niet overschrijden. Een kidsstart in groep, met begeleiding, moet eveneens worden voorzien in het aanbod (weg of VTT).
De permanentie wordt ondergebracht in een ruime accommodatie welke toelaat een groot aantal deelnemers te ontvangen. Om een opvallende uitstraling te waarborgen worden bijkomende startplaatsen niet toegelaten. Kleed- en wasgelegenheid moeten worden voorzien.
Een ruime infostand moet worden voorzien in de permanentie. Alle drukwerken in verband met deze organisaties moeten het WBV- en het “label” logo dragen.
Jaarlijks wordt door de PCRS een speciale labelkalender uitgegeven en op ruime basis verspreid.
Om in aanmerking te komen als labelorganisatie moet bij de aanvraag van de organisatie voor opname op de kalender worden vermeld: “kandidaat-labelorganisatie”. Een kopie van deze aanvraag wordt overgemaakt aan de coördinator van de werkgroep “Labels”.

ADRESWIJZIGING

Alle adreswijzigingen van clubverantwoordelijken wielertoerisme, zoals voorzitter, secretaris en/of briefwisselaar, lokaal, enz dienen onmiddellijk te worden gemeld aan het secretariaat van de WBV.- Oost-Vlaanderen (Papenwal 20 – 9880 Aalter), met afschrift aan de voorzitter en de secretaris van de PCRS.

PROVINCIALE BIJEENKOMST

De Provinciale Bijeenkomst wordt georganiseerd door de Provinciale Commissie voor Recreatieve Sportbeoefening met medewerking van een Oost-Vlaamse wielertoeristenclub. Deze bijeenkomst heeft in principe plaats het laatste weekend van september (39° weekend).
De clubs moeten hun kandidatuur insturen aan de voorzitter van de PCRS voor 15 juli van het voorgaande jaar van de organisatie. Zo er meerdere kandidaten zijn beslist de PCRS.

LASTENBOEK
1. Infrastructuur.
1.1. Hal-Permanentie:

  • zaal, sporthal, overdekte plaats.
  • voldoende ruimte om de deelnemers te ontvangen.
  • ruime ingang(en).
  • Voorzien van tenminste drie inschrijvingstafels (6 personen).
  • Kleedkamers en wasgelegenheid. De sanitaire installaties - dames en heren - dienen zich in goede staat te bevinden en moeten net gehouden worden.
  • hulpdienstpost met tenminste één interventievoertuig.

1.2. Controleposten

Eén of twee lokalen die dienst kunnen doen als controlepost en die gevestigd zijn op de omloop.

1.3. Uitstraling

De organiserende club dient er voor te zorgen dat aan de provinciale bijeenkomst een feestelijk karakter wordt gegeven en de nodige informatie wordt verstrekt aan de pers.

2. Omloop.

  • Een fietstocht op de weg en een veldtoertocht, beide met meerdere afstanden.
  • Een kidsstart in groep, met begeleiding, moet eveneens worden voorzien in het aanbod (weg of VTT).
  • de moeilijkheidsgraad van de omlopen moet zo veel mogelijk worden beperkt.
  • wegen met druk verkeer vermijden.
  • mogelijks de medewerking van de (federale) politie vragen om op de gevaarlijke kruispunten het verkeer te regelen.
  • seingevers kunnen worden voorzien.

3. Verkenning.

Omlopen en infrastructuur dienen te worden verkend en bezocht door een afvaardiging van de PCRS. voor het einde van augustus.

4. Prijsuitreiking.

Feestzaal welke minstens 150 personen kan bevatten.

5. Clubtrofeeën.

  • Een ontwerp dient aan de PCRS te worden voorgelegd uiterlijk op de eerste donderdag van augustus, zijnde de vergadering van deze commissie.
  • Te voorziene aantal: minstens tien voor de best vertegenwoordigde clubs.
  • het is aangeraden enkele bijkomende exemplaren te voorzien in verband met eventuele ex-aequo's.
  • De clubs welke mogelijks in aanmerking komen voor een trofee hebben de verplichting op de prijsuitreiking. aanwezig te zijn.
    Bij afwezigheid van een clubafvaardiging vervalt het recht op de trofee.

6. Financiën.

  • Per deelnemer aan de fietstocht(en) zal het inschrijvingsrecht maximum € 1,50 bedragen.
  • Per deelnemer aan de veldtoertocht zal het inschrijvingsrecht maximum € 2,50 bedragen, ( voor tochten tot 60 km)
VELDTOERTOCHTEN

1. Aanvragen
Enkel de organisatoren die vóór 1 augustus en/of 1 december hun aanvraag hebben ingediend voor het organiseren van respectievelijk een zomer- of winterveldtoertocht kunnen op de kalender worden ingeschreven. Zo er meerdere kandidaten zijn voor het organiseren van de slothappening van het winterseizoen dan beslist de PCRS. Een club die de slothappening van het winterseizoen krijgt toegewezen en afziet van zijn gewone organisatie blijft zijn "oude" datum behouden voor het volgende seizoen.

2. Installaties
2.1. Zaal: de organisator dient te beschikken over voldoende infrastructuur om de deelnemers (300 tot 1200 of meer) in goede omstandigheden te kunnen ontvangen.
2.2. Inschrijving: het voldoende ruime inschrijvingslokaal moet voorzien zijn van minstens 6 inschrijvingstafels. Eveneens ruime infotafel voorzien voor het neerleggen van folders en kalenders.
2.3. Sanitair: het VTT- gebeuren vereist uitgebreide mogelijkheden om zich te kunnen omkleden en wassen, met de nodige privacy voor dames en heren.
2.4. Parkeerplaats: parkeergelegenheid voor enkele honderden auto's is noodzakelijk.

3. Bewegwijzering startplaats:
De bewegwijzering naar de startplaats dient eenvormig te gebeuren met de door de PCRS ter beschikking gestelde richtingsaanwijzers.

4. Omloop
4.1. Wegen en berijdbaarheid: de omloop dient maximum in de natuur te liggen en over berijdbare paden te lopen. Landbouwgrond en niet verdicht terrein zijn uitgesloten.
4.2. ANB: op vraag van de werkgroep VTT dienen vóór 1 juni vijf kopieën van het parcour op stafkaart overgemaakt voor goedkeuring door de dienst ANB. De opmerkingen of richtlijnen van de Openbare Besturen zijn strikt na te leven. Het niet opvolgen van deze regels kan schrapping van de VTT tot gevolg hebben.
4.3. Uitpijling: de omloop zal zorgvuldig uitgepijld worden met aanduiding van de verschillende afstanden. De pijlen moeten binnen de 24 uren na de proef worden verwijderd.
4.4. Elke winterorganisatie vtt dient een kidstocht in het programma op te nemen. Als deze tocht niet uitgepijld is dient de organiserende club te zorgen voor begeleiders die vóór de begeleide kidsgroep rijden.
5. Bevoorrading - rust:
Op elke omloop dient er minstens één bevoorradingspost te worden voorzien. Vanaf 61 km is het aan te bevelen twee bevoorradingsposten te installeren en vanaf 80 km is een derde bevoorradingspost wenselijk op de omloop. Tijdens het winterseizoen moet er ook warme drank, bij voorkeur soep, beschikbaar zijn in de bevoorradingspost.
In de bevoorradingspost(en) moet herstelmateriaal en -gereedschap voor mountainbikes aanwezig zijn, alsook EHBO materiaal voor kleine interventies.

6. EHBO:
Een doeltreffende hulppost met gekwalificeerd personeel moet voorzien worden in de permanentie. Voor het zomer- en wintercircuit wordt een verplichte algemene overeenkomst met een hulpdienst (Rode Kruis Vlaanderen) uitgewerkt voor alle organisaties aan zeer gunstige financiële voorwaarden.

7. Uitslag - klasseringen:
De vergunning van de deelnemers dienen gescand te worden met het door WBV gratis ter beschikking gestelde scanprogramma.
Via dezelfde software stuurt de organisator de resultaten van de organisatie nog dezelfde dag van de organisatie naar de centrale WBV computer;

8. Afspuitplaats:
De organisator kan hoge drukreinigers ter beschikking krijgen. Hij moet een verharde afspuitplaats met voldoende watertoevoer en -afloop voorzien beantwoordend aan de voorschriften van het lastenboek. Het inrichten van een installatie met een zo groot mogelijk aantal afspuitdarmen is in elk geval gewenst.

9. Afsluiting zomer- en winterseizoen:
Tijdens de slotplechtigheid van de provinciale bijeenkomst zullen de zomerlaureaten vtt beloond worden door de PCRS met een waardevolle naturaprijs.
Tijdens de slothappening op het einde van het winterseizoen zullen de winterlaureaten vtt en cyclo beloond worden door de PCRS met een waardevolle naturaprijs.
Een uitgebreid lastenboek wordt aan elke organisator overgemaakt.

KIDS

Kids die in groep en onder begeleiding fietsen, kunnen zich inschrijven aan de kidsstand. De deelname in groep die begeleid wordt door gediplomeerde begeleiders is volledig gratis. Bij aankomst ontvangen de kids meestal een kleine attentie. De doelgroep voor deze kidstochten zijn kinderen van 7 tot 14 jaar.
Er wordt steeds gestart op zaterdag om 13.30u. en op zondag om 9.30u. Uitzonderingen hierop zijn mogelijk.
In de winterperiode is een kidstocht verplicht bij elke VTT organisatie.
Tijdens de zomerperiode kan op eenzelfde dag zowel een kids cyclotocht als een kids vtt tocht worden georganiseerd. De afstanden (cyclo en vtt)  mogen in de zomerperiode niet meer dan 25 km bedragen.
Een kids vtt tocht in de winterperiode mag maximum 20 km bedragen.